Europese Beweging:
Griekenland
Submenu:
Nieuws-items bij Griekenland
-
09-02Griekse vakbonden willen 48 uur durende staking
-
09-02EU en IMF geven Grieken twee extra weken voor hervormingen
-
09-02Griekse pensioenhervormingen struikelblok voor nieuwe Europese steun (en)
-
09-02Griekse premier hoopt op regeringssteun voor bezuinigingen
-
09-02Griekse premier: nog slechts één probleem
-
1959
Griekenland vraagt associatie met EEG aan -
1959
Onderhandelingen met betrekking tot associatie van Griekenland met EEG van start -
1961
Associatieovereenkomst tussen EEG en Griekenland getekend -
1962
Associatieovereenkomst tussen Griekenland en Gemeenschap in werking -
1975
Griekenland dient officieel verzoek om toetreding tot Europese Gemeenschap in -
1976
Raad spreekt zich uit voor verzoek Griekenland om toetreding tot Gemeenschap -
1976
Formele opening onderhandelingen over toetreding Griekenland tot Gemeenschap -
1979
Akten inzake toetreding Griekenland ondertekend in Athene -
1981
Griekenland tiende lidstaat van Europese Gemeenschap -
1981
Verkiezing Griekse afvaardiging in Europees Parlement -
1985
Nationale parlementsverkiezingen in Griekenland -
1989
In Griekenland en in Luxemburg worden nationale parlementsverkiezingen gehouden -
1989
In Griekenland worden nationale parlementsverkiezingen gehouden -
1992
Griekenland ratificeert Verdrag betreffende de Europese Unie -
1998
Griekse drachme treedt toe tot wisselkoersmechanisme van EMS -
1999
Griekenland legt oorkonden neer voor ratificatie van Verdrag van Amsterdam -
1999
Verkiezingen voor Europees Parlement in Oostenrijk, België, Spanje, Finland, Frankrijk, Duitsland, Griekenland, Italië, Luxemburg, Portugal en Zweden -
2000
Commissie stelt Griekenland voor om twaalfde lid te worden van euro-zone -
2000
Griekenland wordt 12de lid van Eurozone -
2006
Griekenland 25 jaar lid EG; Spanje en Portugal 20 jaar
Griekenland - Hoofdinhoud
De Republiek Griekenland is een overwegend agrarisch land dat honderden eilanden omvat. Sinds 1981 is het lid van de Europese Gemeenschap. Griekenland wordt beschouwd als de bakermat van de democratie en heeft een rijke culturele historie.
Griekenland werd onafhankelijk in 1829, na een vrijheidsstrijd tegen het Ottomaanse rijk. De grote belangstelling voor de klassieke oudheid bracht vanaf het midden van de negentiende eeuw archeologische expedities naar Griekenland, waarbij vele kunstschatten verhuisden naar toonaangevende musea in Duitsland (Pergamon altaar), Frankrijk (Venus van Milo), Engeland (Parthenon-beelden) en Rusland. De fascinatie met Griekenland beïnvloedde in die tijd ook diepgaand de architectuur van vele Europese en Amerikaanse steden, en leidde ook tot de introductie van de 'moderne' Olympische Spelen door de Fransman Pierre de Coubertin. Deze werden gehouden in de Griekse hoofdstad Athene, in 1896.
Griekenland profiteerde van het uiteenvallende Ottomaanse Rijk door het grondgebied uit te breiden, dat in 1947 de huidige omvang bereikte. Na de Tweede Wereldoorlog sloeg een bloedige burgeroorlog tussen een sterke communistische beweging en het leger diepe wonden in de Griekse maatschappij. In 1967 kwam een kolonelsregime aan de macht na een staatsgreep. In 1974 kwam een einde aan die dictatuur en keerde de democratie weer terug. Tot 1973 was Griekenland een koninkrijk.
Na de val van de dictatuur trad Griekenland versneld toe tot de Europese Unie. Binnen de Europese Unie heeft het land nooit bekend gestaan als 'het beste jongetje van de klas' en in 2009 bracht Griekenland de stabiliteit van de euro zelfs in gevaar toen bekend werd dat het land kampte met een zeer groot begrotingstekort en een hoge staatsschuld.
Toonaangevende Griekse musici waren de operazangeres Maria Callas, de volkszanger Mikis Theodorakis en componist Xenakis. De romanschrijver Giorgos Seferis en de dichter Elytis Odysseus wonnen de Nobelprijs voor de literatuur. Op sportgebied onderscheidden zich de gewichtheffer Pyrros Dimas (gouden medailles tijdens de Olympische Spelen van Barcelona, Atlanta en Sydney), en de nationale basketbalploeg. Het Griekse nationale voetbalelftal verraste vriend en vijand door in 2004 de Europese Kampioenschappen te winnen.
Inhoudsopgave van deze pagina:
- 7. Bevolking
- 8. Economie
- 9. Geografie
- 10. Positie in Europa
- 11. Volkslied
- 12. Staatkundige ontwikkelingen
Op 11 november 2011 is een (nationaal) interimkabinet aangetreden onder leiding van oud-vicepresident van de ECB Loukas Papademos. Het volgde het sociaaldemocratische kabinet op, dat sinds de verkiezingen van oktober 2009 regeerde met Giorgos Papandreou als premier. Het kabinet-Papandreou moest vele hervormingen doorvoeren om het begrotingstekort en de staatsschuld van Griekenland terug te dringen. In juni 2011 vond een ingrijpende ministerswisseling plaats en in november overleefde het kabinet een vertrouwensstemming, maar kort daarna werden vorming van een overgangsregering en nieuwe verkiezingen (februari 2012) aangekondigd.
Griekenland heeft een roerige recente politieke geschiedenis achter de rug. Na de bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog brak een burgeroorlog uit, die duurde tot 1949. In 1967 werd de democratische situatie opnieuw verstoord door een militaire staatsgreep. Dit kolonelsregime verbande de koning. In 1973 werd Griekenland een republiek en dat bleef het nadat in 1974 het kolonelsregime ten val was gekomen.
De politiek wordt vanaf die tijd gedomineerd door twee partijen: de socialistische partij PASOK en de conservatieve partij Néa Dimokratía (ND). Meestal weet één van deze partijen een absolute meerderheid te behalen in het parlement, waardoor de winnende partij een regering kan vormen.
Opvallend is de belangrijke rol die bepaalde families binnen de Griekse politiek spelen. De familie Papandreou leverde liefst drie Griekse minister-presidenten, onder wie de vorige premier Giorgos Papandreou (PASOK). Ook de oom van voormalig premier Kostas Karamanlis (ND) was eerder minister-president van Griekenland.
Na de val van het Griekse kolonelsregime in 1974 werd de Grondwet van 1952 opnieuw van kracht, behalve de artikelen die te maken hadden met de monarchie. In de Grondwet die in 1975 werd aangenomen werd de presidentiële, parlementaire monarchie verankerd.
De president wordt gekozen door de leden van het parlement voor een termijn van vijf jaar. Hij heeft geen werkelijke macht.
Meestal lukt het de winnende partij een absolute meerderheid te behalen in het parlement. De leider van die partij wordt in dat geval door de president benoemd tot minister-president. De minister-president draagt vervolgens ministers voor, die ook door de president worden benoemd. Ministers zijn meestal tevens lid van het parlement. Als geen van de politieke partijen een absolute meerderheid behaalt in het parlement, krijgt de leider van de grootste partij de opdracht een coalitie te vormen.
Parlementariërs worden gekozen voor een termijn van vier jaar. Op verzoek van de regering kan de president het parlement eerder ontbinden, zodat nieuwe verkiezingen kunnen worden gehouden. De regering kan om ontbinding van het parlement vragen in de hoop tijdens de verkiezingen een nieuw mandaat te krijgen voor een kwestie van nationaal belang.
De rechterlijke macht in Griekenland opereert onafhankelijk van de wetgevende en uitvoerende machten. De hoogste rechterlijke macht wordt gevormd door drie hoven: de Raad van State, het Hof van Cassatie en de Griekse Rekenkamer. Griekenland kent geen permanent constitutioneel hof. Wel kan een Speciaal Hoogste Hof worden ingesteld, bestaande uit rechters van de drie instituties van de rechterlijke macht. Uitspraken van dit speciaal samengestelde hof zijn bindend, ook voor de drie andere hoven.
kiesstelsel
Het Griekse parlement bestaat uit 300 rechtstreeks gekozen leden. 288 daarvan komen van kieslijsten in één van de 56 regionale kieskringen. Sommige van die kieskringen zijn goed voor één zetel, andere voor meerdere zetels. De partij die de verkiezingen wint krijgt een bonus van 40 zetels die worden gevuld met kandidaten uit die kieskringen. De overige 12 zetels worden evenredig toegewezen aan landelijke kandidaten van de meest succesvolle partijen tijdens de verkiezingen. Voor de verdeling van deze 12 zetels wordt heel Griekenland als één kiesdistrict beschouwd.
partijen
De grootste politieke partijen in Griekenland zijn de sociaaldemocratische partij PASOK (Panellinio Sosialistiko Kinima, Panhelleense Socialistische Beweging) en de partij Néa Dimokratía (ND, Nieuwe Democratie). Beide partijen werden in 1974 opgericht, na de val van het kolonelsregime.
Kleinere partijen die in het parlement vertegenwoordigd zijn, zijn KKE (Kommounistiko Komma Elladas, Griekse Communistische partij), de orthodox-nationalistische LAOS (Laïkós Orthódoxos Synagermós, Orthodoxe Volksbeweging) en linkse milieupartij SYRIZA (Synaspismos tis Aristeras ton Kinimaton kai tis Oikologias, 'Coalitie van Links, Bewegingen en Ecologie').
De huidige interimregering wordt gevormd door ministers van PASOK, ND en LAOS en staat onder leiding van premier Loukas Papademos.
Gezichtsbepalende ministers in het kabinet zijn minister van Buitenlandse Zaken Stavros Dimas en minister van Financiën Evangelos Venizelos. Laatstgenoemde is namens Pasok tweede vicepremier. Eerste vicepremier is Theodoros Pangalos van ND.
jaar |
ND |
Pasok |
CP |
Links |
Centr |
Ov. |
verkiezings- datum |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
1981 |
115 |
172 |
13 |
18 oktober |
|||
1985 |
126 |
161 |
12 |
1 |
2 juni |
||
1989 |
145 |
125 |
28 |
2 |
18 juni |
||
1989 |
128 |
148 |
21 |
3 |
5 november |
||
1990 |
150 |
123 |
19 |
8 |
8 april |
||
1993 |
111 |
170 |
9 |
10 |
10 oktober |
||
1996 |
108 |
162 |
11 |
10 |
9 |
22 september |
|
2000 |
125 |
158 |
11 |
6 |
9 april |
||
2004 |
165 |
117 |
12 |
6 |
7 maart |
||
2007 |
152 |
102 |
22 |
14 |
10 |
15 september |
|
2009 |
160 |
91 |
21 |
13 |
15 |
4 oktober |
naam |
periode |
kleur |
partijen |
belangrijke ministers |
|---|---|---|---|---|
A.Papandréou I |
21 oktober 1981-5 juni 1985 |
sociaaldem. |
Pasok |
BuZa: Charalampopoulos |
A.Papandréou II |
5 juni 1985-2 juli 1989 |
sociaaldem. |
Pasok |
BuZa: Papoulias |
Tzannetakis |
2 juli-12 oktober 1989 |
centrumrechts |
ND-Syn |
BuZa: Tzannetakis |
Grivas |
12 oktober-23 november 1989 |
interim |
geen |
BuZa: Papoulias |
Zolotas |
23 november 1989-11 april 1990 |
grote coalitie |
ND-Pasok-Syn |
BuZa: Samaras |
Mitsotakis |
11 april 1990-13 oktober 1993 |
centrumrechts |
ND |
BuZa: Samaras 1992 Mitsotakis |
A.Papandréou III |
13 oktober 1993-22 januari 1996 |
sociaaldem. |
Pasok |
BuZa: Papoulias |
Simitis I |
22 januari 1996-25 september 1996 |
sociaaldem. |
Pasok |
BuZa: Pangalos |
Simitis II |
25 september 1996-13 april 2000 |
sociaaldem. |
Pasok |
BuZa: Pangalos 1999 G. Papandréou |
Simitis III |
13 april 2000-10 maart 2004 |
sociaaldem. |
Pasok |
BuZa: G. Papandréou |
Karamanlis I |
10 maart 2004-19 september 2007 |
centrumrechts |
ND |
BuZa: Molyviatis 2006: Bakoyannis |
Karamanlis II |
19 september 2007-7 oktober 2009 |
centrumrechts |
ND |
BuZa: Bakoyannis Fin/EZ: Alogoskoufis 2009: Papathanassiou |
G.Papandréou I |
7 oktober 2009-17 juni 2011 |
sociaaldem. |
Pasok |
BuZa: G. Papandréou 2010 Droutsas Fin: Pangalos |
G.Papandréou II |
17 juni 2011-11 november 2011 |
sociaaldem. |
Pasok |
BuZa: Lambrinidis Fin: Venizelos |
Papademos |
11 november 2011- |
grote coalitie |
(Pasok, ND, LAOS) |
BuZa: Dimas Fin: Venizelos |
hoofdstad |
Athene |
|---|---|
staatshoofd |
President Karolos Papoulias (sinds 12 maart 2005) |
regeringsleider |
Interim-premier Lukas Papademos(vanaf 10 november 2011) |
aantal inwoners |
10.760.136 |
2,1% van de EU |
|---|---|---|
% van de bevolking jonger dan 15 |
14.2% (mannen: 787143/vrouwen: 741356) |
|
% van de bevolking van 15 t/m 64 |
66.2% (mannen: 3555447/vrouwen: 3567383) |
|
% van de bevolking ouder dan 65 |
19.6% (mannen: 923177/vrouwen: 1185630) |
|
gemiddelde levensverwachting |
79.92 jaar |
|
geletterdheid |
96% |
|
bruto binnenlands product (bbp) |
$305,6 miljard |
2,0% van de EU |
|---|---|---|
bijdrage van landbouw aan bbp |
3.6% |
|
bijdrage van industrie aan bbp |
18% |
|
bijdrage van dienstensector aan bbp |
78.3% |
|
werkloosheid |
17% |
|
oppervlakte |
131.957 km² |
3,0% van de EU |
|---|---|---|
laagste punt |
Mediterranean Sea 0 m |
|
hoogste punt |
Mount Olympus 2917 m |
|
aantal zetels in het |
22 van de 736 zetels |
||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
stemgewicht in de |
12 van de 345 stemmen |
||||||
gastland Europese |
Agentschap Europese Unie: |
||||||
prominenten in |
Europese Commissie:
rechter Europees Hof van Justitie:
Europese ombudsman:
|
Inhoudsopgave van deze pagina:
Nieuwsbrief EBN
Meld je aan voor de maandelijkse nieuwsbrief van de EBN:




