Europese Beweging:
Nederland en Europa
Submenu:
Nieuws-items bij Nederland en Europa
Submenu:
-
05-02Buitenhof met Halbe Zijlstra, Vestia & Gazprom
-
05-02De Volkskrant op zondag met minister Uri Rosenthal
-
06-02Seminar Frans Timmermans over Rotterdam, de EU en de eurocrisis
-
06-02Tweede pakket wetgeving financiële markten (tweede FM-pakket), Den Haag
-
06-02Werkprogramma Europese Commissie, Den Haag
-
06-02Blend-it inspireert
-
07-02Maastricht marks the 20th Anniversary of the Maastricht Treaty
-
07-02Tweede Kamer: EU-symposium: laatste dag om aan te melden!
-
07-02Debat 60 jaar Turkije bij de NAVO
-
07-02Ms Kristalina GEORGIEVA in The Netherlands: meeting with Mr Ivo Willem Opstelten, Minister of Security and Justice of the Netherlands; meeting with Mr Uri Rosenthal, Minister of Foreign Affairs of the Netherlands; meeting with Mr Ben Knapen, Minister for European Affairs and International Cooperation of the Netherlands
-
07-02commissie Financiën (Fin.), Den Haag
-
07-02commissies Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking (BDO) en Europese Samenwerkingsorganisaties, Den Haag
-
07-02commissie Europese Samenwerkingsorganisaties (ESO), Den Haag
-
07-02The Maastricht Treaty: 20 Years Later
-
07-02commissie Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), Den Haag
-
07-02commissies Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking (BDO), Europese Samenwerkingsorganisaties (ESO) en Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat / Algemene Zaken en Huis der Koningin (BZK/AZ), Den Haag
-
07-02Algemeen Overleg Energieraad d.d. 14 februari 2012, Den Haag
-
07-02Cyclus: Eurocrisis met dr. Jaap van Ginneken
-
08-02Lijsttrekkersdebat Brussel
-
08-02Seminar landbouwsubsidies
-
1e fase: 1946
Na verwoestende wereldoorlog klinkt de roep om een 'verenigd Europa' -
2e fase: 1950
Beperkte, maar vitale samenwerking in Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal -
3e fase: 1957
Uitbreiding samenwerking in Europese Economische Gemeenschap -
4e fase: 1963
Begin internationale rol met hulpprogramma voor voormalige koloniën -
5e fase: 1973
Eerste uitbreiding door toetreden van Denemarken, Engeland en Ierland en invoering monetair stelsel -
6e fase: 1979
Begin van democratie: Europees Parlement direct gekozen -
7e fase: 1986
Europa besluit dat de interne markt in 1993 voltooid (barrièrevrij) moet zijn -
8e fase: 1993
Gemeenschap wordt Unie: ook samenwerking op niet-economische terreinen -
9e fase: 2007
Verdrag van Lissabon en aanpak financiële crisis
Nederland en Europa - Hoofdinhoud
Nederland heeft al meer dan 50 jaar geleden samen met België, Duitsland, Frankrijk, Italië en Luxemburg de conclusie getrokken, dat we in Europa meer moesten gaan samenwerken, omdat we een aantal grensoverschrijdende problemen niet meer in ons eentje konden oplossen.
Bovendien was en is samenwerken goed voor de handel en daar heeft Nederland het altijd al van moeten hebben. Ook was Europa aan het herstellen van een verwoestende oorlog en men verwachtte dat landen die nauw samenwerken, elkaar niet gauw zullen aanvallen.
Deze samenwerking is een succes gebleken: de welvaart nam sterk toe en onderlinge oorlogen bleven achterwege. Inmiddels doen 27 landen aan de Europese Unie mee en een aantal staat ongeduldig in de rij om mee te doen. In andere werelddelen volgt men het voorbeeld van de EU. Zo is in mei 2008 de Zuid-Amerikaanse Unie opgericht en werden eerder de Afrikaanse Unie en ASEAN opgericht.
Inhoudsopgave van deze pagina:
Toch is het enthousiasme sinds de begin jaren negentig sterk verminderd. In die periode ging Nederland bijvoorbeeld over van netto-ontvanger naar netto-betaler in de Europese Unie. De netto-betalingen werden steeds groter en in 2007 kwam de discussie tot een hoogtepunt toen Nederland 1 miljard euro korting eiste (en kreeg) op zijn afdrachten aan de EU. Sommige politieke partijen (VVD, PVV) willen de Nederlandse bijdrage aan de EU sterk verminderen.
In 2005 stemde het Nederlandse volk via een referendum tegen de Europese Grondwet. Daarvoor waren meerdere factoren. Zo was er onvrede over onder andere de gestegen prijzen na invoering van de euro en de gebrekkige manier waarop de Nederlandse regering het land informeerde over de toen in te voeren Europese Grondwet. Ook was er kritiek op de snelle uitbreiding van de EU. Het referendum werd bovendien gebruikt om onvrede over andere zaken te uiten dan de Europese Grondwet zelf, zoals over het kabinetsbeleid.
Uit onderzoek in de jaren erna blijkt dat er meer tegenstanders zijn gekomen van verdergaande Europese eenwording. Zo vrezen velen dat de EU zich meer gaat bezighouden met onze pensioenen, zorg en onderwijs, of met onze typisch Nederlandse euthanasiewetgeving of ons softdrugsbeleid. Ook zijn er zorgen over de komst van nieuwe werknemers uit toegetreden landen zoals Polen, Bulgarije en Roemenië.
Anderzijds zijn er de afgelopen jaren wereldwijde problemen ontstaan die de noodzaak voor grensoverschrijdende samenwerking nog meer onderstrepen. Zo kan de klimaatverandering alleen worden bestreden als we gezamenlijk doelen tot CO2-reductie stellen en behalen. Ook energievoorziening en internationale veiligheid zijn terreinen waarop we als klein land effectiever zijn als we de krachten bundelen met de rest van Europa.
De gemiddelde Nederlander moedigt samenwerking op deze gebieden aan. Dit geeft aan dat we, ondanks de kritische houding van de afgelopen jaren, nog steeds de waarde inzien van de Europese samenwerking.
Inhoudsopgave van deze pagina:
Nieuwsbrief EBN
Meld je aan voor de maandelijkse nieuwsbrief van de EBN:




