Europese Beweging:
2e fase: Beperkte, maar vitale samenwerking in Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal
Historisch overzicht bij Nederland en Europa
-
1e fase: 1946
Na verwoestende wereldoorlog klinkt de roep om een 'verenigd Europa' -
2e fase: 1950
Beperkte, maar vitale samenwerking in Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal -
3e fase: 1957
Uitbreiding samenwerking in Europese Economische Gemeenschap -
4e fase: 1963
Begin internationale rol met hulpprogramma voor voormalige koloniën -
5e fase: 1973
Eerste uitbreiding door toetreden van Denemarken, Engeland en Ierland en invoering monetair stelsel -
6e fase: 1979
Begin van democratie: Europees Parlement direct gekozen -
7e fase: 1986
Europa besluit dat de interne markt in 1993 voltooid (barrièrevrij) moet zijn -
8e fase: 1993
Gemeenschap wordt Unie: ook samenwerking op niet-economische terreinen -
9e fase: 2007
Verdrag van Lissabon en aanpak financiële crisis
2e fase: Beperkte, maar vitale samenwerking in Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal - Hoofdinhoud
Het belang van toekomstige samenwerking bleek vooral uit de nog altijd moeizame betrekkingen tussen Frankrijk en Duitsland. Omdat zij de grootste producenten waren van kolen en staal - de belangrijkste grondstoffen voor de productie van oorlogswapens - bracht de slechte verhouding tussen beide grootmachten een groot risico voor een nieuwe oorlog met zich mee.
Jean Monnet , ervaren onderhandelaar en vredestichter, stelde in 1950 voor om de kolen- en staalmarkt door een onafhankelijke autoriteit te laten beheren. Hij wilde op deze manier een gemeenschappelijk belang tussen de landen (met name Frankrijk en Duitsland) creëren. Een potentieel conflict zou op die manier voortaan niet direct in oorlog uitmonden, maar de landen door hun wederzijdse afhankelijkheid dwingen eerst het gesprek aan te gaan.
Het idee werd voorgesteld aan de Franse minister van Buitenlandse Zaken Robert Schuman en de Duitse Bondskanselier Konrad Adenauer. Vervolgens kreeg het ook de goedkeuring van Italië, Nederland, België en Luxemburg. Het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS), werd in april 1951 door deze zes landen ondertekend.
Het kernpunt van het verdrag was dat de beslissingsbevoegdheid voor de kolen- en staalindustrie werd gegeven aan een onafhankelijke instantie: de "Hoge Autoriteit". Jean Monnet was hier de eerste voorzitter van. De huidige Europese Unie is een resultaat van dit eerste verdrag.
Nieuwsbrief EBN
Meld je aan voor de maandelijkse nieuwsbrief van de EBN:
2e fase: Gebeurtenissen
-
09.05.1950
Voorstel Schuman gezamenlijk beheer West-Europese kolen- en staalindustrie -
03.06.1950
Ondertekening Schuman-verklaring -
26.08.1950
Schuman-plan goedgekeurd door Vergadering van Raad van Europa -
18.04.1951
Ondertekening Verdrag van Parijs: besluit tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal -
27.05.1952
Verdrag voor oprichting Europese Defensiegemeenschap ondertekend -
10.02.1953
Oprichting gemeenschappelijke markt voor kolen en ijzererts -
23.10.1954
Aanpassingen Verdrag van Brussel -
23.10.1954
Oprichting West-Europese Unie -
01.06.1955
Messina-conferentie: lidstaten besluiten tot verdere economische integratie -
25.03.1957
Oprichtingsverdragen EEG en Euratom ondertekend in Rome



