Europese Beweging:
'Europa mag niet wegzakken'

door Wim van Eekelen, voorzitter van de Europese Beweging Nederland (2005)

In mijn column in het vorige nummer van Europa in Beweging dacht ik nog dat Nederland een brede maatschappelijke discussie zou organiseren over onze visie op Europa. Dat voorstel is echter even snel door de Tweede Kamer afgeblazen als het was opgekomen. Er was zeker veel op af te dingen. In onze vertegenwoordigende democratie moet er eerst een politiek debat zijn, voordat men de burger om een oordeel kan vragen. Om te gaan luisteren naar burgers, die nee hebben gestemd omdat zij niet wisten waarover het ging, heeft weinig zin. Debat is pas mogelijk wanneer alternatieven naast elkaar worden gezet. Wil men de huidige status quo volgens het verdrag van Nice bestendigen, met zijn lappendeken aan bepalingen en ingewikkelde besluitvorming? Of wil men toch de verbeteringen van de Grondwet, geheel of gedeeltelijk invoeren? De nee-stemmers hebben in meerderheid aangegeven niet tegen Europa te zijn. Dan moeten zij ook aangeven wat voor Europa zij voor ogen hebben. Toch geen diplomatieke praatclub in een tijd waarin behoefte is aan duidelijkheid, effectiviteit en het zich houden aan gemaakte afspraken.

Atoombom

Het referendum heeft als een atoombom gewerkt. Alles is weg, niemand weet hoe hij de puinhopen moet opruimen en niemand doet meer iets. Althans in Frankrijk en Nederland terwijl juist deze landen met oplossingen zouden moeten komen. De Europese Commissie is met plan D gekomen voor Democratie, Dialoog en Debat en heeft zich de kritiek op overbodige regelgeving aangetrokken. Een zestigtal ontworpen richtlijnen zal niet worden ingediend en door de bestaande zal de stofkam worden gehaald. Dat is zeker nuttig, ook al blijft het resultaat onzeker, omdat er tegengestelde belangen zijn. Dat bleek tijdens een bijeenkomst met onze aangesloten organisaties toen iemand wees op de overdreven etiketteringvoorschriften, maar de Consumentenbond tegenwierp deze een essentieel onderdeel achtte van een verbruikersvriendelijke interne markt. Zo is het ook met de beleidsterreinen. Nederland wil minder uitgeven aan gemeenschappelijk landbouwbeleid en structuurfondsen, maar die zijn voor anderen, waaronder de nieuwe lidstaten, voorwaarde voor de ontwikkeling van hun welvaart.

Sociaal model

Een akkoord over de financiële perspectieven zal nog wel even uitblijven al zijn de Britten wat actiever geworden. Mij lijkt het dat een compromis alleen gevonden kan worden in een combinatie van zuinig beleid, minder voor landbouw, maar meer voor de Lissabon-agenda van innovatie en concurrentiekracht. Daar moeten wij het op termijn toch van hebben. Abstract praten over een Europees sociaal model - dat niet bestaat - heeft geen nut. In de Europese Conventie is mij trouwens gebleken dat de sociale partners in de lidstaten dit ook niet willen en hun eigen model thuis wensen te regelen. Wat wel Europees aan de burger gegarandeerd moet worden (maar nationaal uitgewerkt) is toegang tot onderwijs, gezondheidszorg, openbare diensten, justitie en veiligheid. Eurocommissaris Michel heeft dat op 21 oktober in een betoog bij het European Policy Center voortreffelijk uiteengezet. Dat zijn zaken die de burger interesseren, maar die niet gedetailleerd van Brussel kunnen komen. Bij de uitslag van het referendum lag hier wel een paradox: enerzijds wilde men een socialer Europa, maar anderzijds was men bevreesd voor een superstaat. En die zou ontstaan wanneer men al die terreinen Europees zou willen regelen.

Reflectieperiode

Twee leden van het Europees Parlement, Duff en Voggenhuber, hebben het initiatief genomen voor een resolutie over de 'reflectieperiode' die is afgekondigd tot juni 2006, maar niet door de Europese Raad is gepreciseerd. Zij zijn tegen een selectieve toepassing van de constitutie, behalve wanneer dit mogelijk is door herziening van reglementen of gegroeide procedures. Daaronder valt de behandeling van de subsidiariteitsvraag in de nationale parlementen, de openbaarheid van raadszittingen, het burgerinitiatief en de comitologie. Het wezenlijke debat zou moeten gaan over de punten van kritiek op de Constitutie, maar dan op Europees niveau. Nationale debatten zouden het risico dragen stereotypen te versterken en verdeeldheid te brengen. Daarom stellen zij Parlementaire Forums voor van Europese en nationale parlementariërs, te beginnen in Frankrijk en Nederland, maar later ook voor elders. Hoofdvragen zouden moeten zijn: wat is het doel van Europese integratie, welke rol heeft Europa in de wereld, wat betekent de mondialisering voor het Europese sociaal-economisch model, en hoe dienen de grenzen van de EU te worden bepaald. Uiteindelijk zou in 2009 tegelijk met de Europese verkiezingen een herziene Constitutie aan de kiezers moeten worden voorgelegd. De afgewezen Constitutie zou dan als een (volgens de indieners goed) eerste ontwerp kunnen dienen, maar voor verbetering vatbaar. Het Comité van de regio's was nog specifieker en wilde de discussie richten op de beleidsterreinen waar EU-optreden de burgers een echte meerwaarde biedt. Begrijpelijkerwijze staat het een decentrale aanpak voor. Minister Bot noemde bezinning op de vragen die een Europees antwoord nodig hebben, zoals hoe stellen wij onze welvaart, en onze veiligheid binnen en buiten onze gemeenschappelijke grenzen zeker. En illegale immigratie, energievoorziening en klimaatverandering. Inderdaad allemaal vragen die een gemeenschappelijke aanpak nodig hebben. De vraag is echter of de EU met het verdrag van Nice voldoende toegerust is om die problemen aan te pakken.

Paradox

Het is goed dat nu hardop wordt nagedacht over oplossingen, maar het perspectief van uitstel blijft somber. Van de benoeming van een Minister van Buitenlandse Zaken komt voorlopig niets en daarmee blijft de scheiding tussen de Hoge Vertegenwoordiger en de Commissie voortduren. Hier ligt een nieuwe paradox. Alom wordt gewezen om een grotere rol van Europa in de wereld en het nemen van meer verantwoordelijkheid, maar tegelijkertijd worden de mogelijkheden daartoe beknot. De EBN-werkgroep Defensie zal op 25 november een seminar houden over de toenemende vervlechting tussen interne en externe veiligheid. Tevoren op 19 november zal ons huishoudelijk congres worden gehouden waarin wij ons zullen bezinnen op de toekomst van Europa. Tevens zal, naar ik hoop, Wim Deetman als aantredend voorzitter worden gekozen. Mijn statutaire termijn is dan reeds verstreken. Naar ik hoop is het mogelijk na alle financiële perikelen van de laatste jaren de leiding van de EBN begin 2006 aan hem over te dragen op een wijze die een nieuw begin mogelijk maakt. Maar zover is het nog niet.

Stuur door

Nieuwsbrief EBN

Meld je aan voor de maandelijkse nieuwsbrief van de EBN: