Logo Europese Rekenkamer

In de Europese Rekenkamer is zeker tot 2005 sprake geweest van het stelselmatig verduisteren van gevallen van fraude. Sinds 2005 is het minder geworden, maar helemaal uitgebannen is het niet. Dat stelt voormalig lid van de Europese Rekenkamer Maarten Engwirda in een interview met de Volkskrant op 11 januari 2011. Vooral collega's uit de zuidelijke landen zouden jarenlang moedwillig rapporten over financiële wanpraktijken en onterecht verstrekte subsidies in eigen land achterhouden.

Inhoud

1.

De uitspraken van Engwirda

Mentaliteit

Engwirda was van 1996 t/m 2010 lid van de Europese Rekenkamer. Hij relativeert de problemen bij de Europese Rekenkamer enigszins door een vergelijking te maken met Nederland, dat er immers ook jaren over heeft gedaan om een acceptabele controle op te zetten. Maar het duurt Engwirda te lang. Hij zegt keer op keer tegen een mentaliteit aan te lopen die maar niet wil veranderen.

Zijn voornaamste punt van kritiek is dat collega's uit de lidstaten waar misstanden werden geconstateerd juist op die landen gezet werden. Dat leidde heel gemakkelijk tot het afzwakken of helemaal laten vallen van kritiek op die landen. Vooral Italië, Spanje en Griekenland en later ook Bulgarije en Roemenië zouden zich hier vaak schuldig aan maken.

Tegenwerking

De kritiek van Engwirda op de gang van zaken binnen de Rekenkamer of op collega's is hem niet in dank afgenomen. Engwirda zou in één geval zelfs hebben gedreigd met opstappen als een collega zijn bevindingen zou tegenhouden. Hij zou ook geen steun hebben gehad van de toenmalige voorzitter van de Europese Rekenkamer.

Voormalig eurocommissaris voor fraudebestrijding Kallas had ook problemen met de Europese Rekenkamer. In een persbericht in 2005 stelde Kallas dat de Rekenkamer te strenge normen zou hanteren en dat de cijfers niet zouden kloppen.

Verbetering

In de laatste jaren is er wel het nodige verbeterd. Sinds 2008 beoordelen rekenkamers van de lidstaten de rapporten van de Europese Rekenkamer. Dat is de kwaliteit ten goede gekomen. Er wordt gekeken wat de lidstaten met de aanbevelingen van de Europese Rekenkamer doen. En het achterhouden van kritische rapporten zou niet meer voorkomen. De mentaliteit is inmiddels aan het veranderen.

In 2009 werd 3,3 procent van de uitgaven van de Europese Unie niet correct besteed, bij een kleine 1 procent werd fraude bewezen. Dat is het laagste percentage ooit.

2.

Reacties

Nederlandse politieke partijen

D66 en PVV lieten weten niet zo verbaasd te zijn over de onthullingen van Engwirda. Europarlementariërs van de PvdA, SP en de VVD vroegen om opheldering. Vooral de aantijging dat een eurocommissaris een in principe onafhankelijke Rekenkamer bekritiseert, is volgens PvdA-er Berman een serieuze kwestie.

In de Tweede Kamer heeft VVD-er Ten Broeke vragen gesteld aan de minister van Financiën De Jager. De Jager liet weten dat Engwirda in zijn uitlatingen vooral doelt op zaken uit het verleden. De Europese Rekenkamer functioneert inmiddels veel beter.

Europese Unie

De huidige eurocommissaris voor fraudebestrijding Semeta probeerde de rel te sussen. Hij benadrukte de onafhankelijkheid van de Europese Rekenkamer. Volgens Semeta is het ook normaal dat de Europese Commissie en de Europese Rekenkamer overleggen over elkaars functioneren.

3.

Meer informatie

Inhoud

Stuur door

Nieuwsbrief EBN

Meld je aan voor de maandelijkse nieuwsbrief van de EBN: